Het complex

Het eerste deel van het complex werd in de winter van 1983/1984 aangelegd. Het ligt tegen de Duivenvoordse- en Veenzijdse Polder. Een beschermd natuurgebied, eigendom van Staatsbosbeheer. Het is een gebied waarin nog oude strandwallen te herkennen zijn. De grond bestaat vooral uit veen en zand.

De basiswerkzaamheden werden in opdracht van de gemeente gedaan. Maar daarnaast moest er veel in zelfwerkzaamheid door de leden worden uitgevoerd. Zonder gemopper werd er zaterdags van negen tot vier uur gewerkt in weer en wind. Groot was de vreugde toen op 1 april 1984 de eerste 80 leden op hun eigen stek aan de gang mochten. Op 12 mei 1984 stelde de Haagse Wethouder Piet Vink, aan wie de vereniging veel te danken had, het complex in gebruik. Het pad kreeg zijn naam. Piet Vink werd bovendien Erelid. Helaas is Piet Vink in augustus 2002 overleden.

In de loop van 1986 kwam van de gemeente en de Haagse Bond het verzoek om ons complex met nog eens 80 tuinen uit te breiden. Voor de leden van het eerste uur met een tuin met volop uitzicht de polder in, was dit even schrikken. Toch ging men akkoord. Zo kon het gebeuren dat in de winter van 1986 / 1987 we een herhaling zagen van wat we zo goed kenden. Vooral de inspanningen van de toenmalige en inmiddels overleden voorzitter van de Haagse Bond, de heer J. Boudestein mag worden genoemd. Dit tweede pad, wat zijn naam draagt, werd half mei 1987 in gebruik gesteld door een inmiddels nieuwe Wethouder de heer J. Verduyn Lunel. De opvolger van de met pensioen gegane Piet Vink.

Naast de tuinen beschikt de vereniging over een wel heel uniek verenigingsgebouw. Een oorspronkelijk voor de sloop bestemde koeienstal is door in totaal twintig leden gedurende twee jaar gerenoveerd tot wat het nu is: de trots van alle leden!