Voorschriften

VOORSCHRIFTEN UIT HET

HUISHOUDELIJK REGLEMENT

Onderstaand de belangrijkste voorschriften die zijn opgenomen in het Huishoudelijk Reglement. Aan deze opsomming kunnen geen rechten ontleend worden.
Achter de voorschriften zijn de betreffende artikelen uit het Huishoudelijk reglement vermeld. U wordt geadviseerd om in voorkomend geval deze te raadplegen.


Ieder lid is verplicht de tuin vanaf het begin in goede staat te brengen en te houden. Oneigenlijk gebruik van de tuin, zoals het laten onderhouden door anderen dan huisgenoten is zonder toestemming van het bestuur niet toegestaan.
De uitoefening van de hobby en het onderhouden van de tuin dient op een zodanige wijze te geschieden, dat er geen nadelige effecten voor het milieu (kunnen) optreden. (4,1)

Ieder lid is gehouden om waar nodig onderhoud te plegen aan algemene groenstroken die direct aan de tuin grenzen.

De tuinen mogen niet uitsluitend voor het telen van aardappelen en groenten worden gebruikt. Bloemen, vaste planten en niet hoog opgaande sierheesters behoren te worden aangeplant en wel over een breedte van tenminste één meter gelegen langs het hoofdpad waarbij er doorzicht op de tuin moet blijven. Bomen, anders dan fruitbomen, mogen niet worden geplant zonder instemming van het bestuur, na ingewonnen advies van de tuincontrolecommissie. Nimmer zal toestemming worden verleend voor bomen van de 1e en 2e categorie, waar o.a. onder worden verstaan: populier, wilg, plataan, kastanje, linde, beuk, eik, iep, berk, es, els, esdoorn en hoog opgaande conifeer- en naaldboomsoorten. Alle beplanting moet zodanig zijn geplaatst dat het onderhoud vanuit de eigen tuin kan geschieden. Snoeiaanwijzingen van de tuincontrolecommissie moeten worden opgevolgd. (4,2)

Het is toegestaan om:

a.
Aan de hoofdpadzijde een buxushaag te hebben van maximaal 30 cm. hoog.

b.
Tussen twee tuinen mag, in verband met de privacy, met wederzijdse instemming een gezamenlijke (beuk)haag, dan wel een begroeid hekwerk ter hoogte van het terras worden geplant van maximaal 5 meter lang en 2 meter hoog.

 c.
Waar dit bij andere tuinen rond het terras kan, geldt voor de tuinnummers 82 t/m 97 dat zij aan twee zijden van de tuin, gezien vanaf het hoofdpad en met inachtneming van Art. 4: lid 2.van het Huishoudelijk Reglement, een haag mogen planten van maximaal 5 meter lang en 2 meter hoog.

 d.
Om op de eigen tuin een compostbak te plaatsen op tenminste een meter uit de grens van de buren.
Indien buren geen bezwaar hebben tegen enkelzijdige dan wel twee zijdige plaatsing van een compostbak tegen de tuingrens aan dan dienen beiden hiertoe een schriftelijk verzoek tot het bestuur te richten. Toestemming wordt schriftelijk verleend en wel tot het moment waarop een van beiden het lidmaatschap beëindigt. In dat geval vervalt de gegeven toestemming. Met de nieuwkomer kan worden overlegd of opnieuw toestemming kan worden gevraagd.

e.
Kinderen te laten fietsen t/m 9 jaar mits stapvoets. (4,3)

De tuin en de opstallen op de tuin dienen, overeenkomstig de doelstelling van de vereniging, als recreatie-accommodatie voor het lid en zijn partner. Het uitoefenen van beroepsmatige handelingen is verboden. (4,4)

Leden zijn tot een door de Algemene Ledenvergadering te bepalen leeftijd verplicht deel te nemen aan algemene werkzaamheden ten behoeve van de vereniging volgens een door het bestuur vast te stellen rooster en waarvan aantekening wordt gehouden. (4,5)

Eigendommen van de vereniging dienen terstond na gebruik schoon naar de oorspronkelijke (leen)plaats te worden teruggebracht. Bij nalatigheid kan een lid in gebreke worden gesteld. (4,6)

Indien het lid het voornemen heeft tot het bouwen, uitbreiden of wijzigen van een huisje, een kasje, een windscherm of andere zaken welke als bouwwerk worden aangemerkt, dient te worden gehandeld conform Art. 22 van het Huishoudelijk Reglement. (4,8)

Het is niet toegestaan om:

a.
hekken dan wel andersoortige afscheidingen, behoudens aan de achterzijde op de grenzen van zijn/haar tuin aan te brengen;

b.
een aaneengesloten heesterbeplanting langs het hoofdpad te hebben;

c.
greppels te graven dan wel beschoeiingen aan te brengen aan de slootkant;

d.
grind, sintels, puin op de tuin te brengen;

e.
gazons en paden van kunstgras te hebben;

f.
vuilnis op de tuinen, het complex of in de omgeving van het complex achter te laten;

g.  
afrasteringen te verbreken of te beschadigen of grenspalen te verwijderen dan wel te verplaatsen;

h.
op de eigen tuin (pluim)vee, katten of bijen te houden;

i.
honden op het complex los te laten lopen, anders dan op de eigen tuin, hun behoeften op de openbare gedeelten van het complex te laten doen, dan wel hinderlijk te laten blaffen;

j.
vliegers op te laten of andere hinderlijke spelen uit te oefenen;

k.
de paden met motorrijtuigen en of (brom)fietsen te berijden, indien toestemming is verleend dan dient rechtstreeks stapvoets naar de eigen tuin te worden gereden;

 l.
te collecteren;

m.
afval van welke aard ook op de tuinen of het complex te verbranden;

n.
mest- en/of composthopen zodanig te plaatsen dat zij strijdig zijn met de besluiten van de Algemene Ledenvergadering;

o.
motorgrasmaaimachines, motorpompen of andere geluidsoverlast en/of stank veroorzakende apparatuur te gebruiken in de periode van 1 april t/m 30 september na 10.30 uur tot zonsondergang en in de weekends. Van dit verbod zijn uitgezonderd de leden die in opdracht van de vereniging algemene werkzaamheden moeten verrichten. Zij dienen de overlast tot een minimum te beperken;

p.
leidingwater te benutten voor het sproeien van de tuin en het vullen van vijvers;

q.    
douches te hebben;

r.
in de singels, niet behorende tot de eigen tuin te rooien of te snoeien;

s.
ongevraagd of zonder toestemming de tuin van een ander te betreden tenzij het betreft een bestuurs- of commissielid in functie;

t.     
bestrijdingsmiddelen en niet natuurlijke meststoffen te gebruiken anders dan welke in de tuinwinkel verkrijgbaar zijn;

u.     
op de tuin niet toelaatbare planten te kweken. Hieronder worden in ieder geval mede verstaan planten van het geslacht Cannabis (Hennep) als bedoeld onder lijst B, behorende bij de OpiumWet (Wet van 12 mei 1928 stbl. 167) welke lijst strekt ter uitvoering van Art. 3 tweede lid van genoemde Wet;

v.
betegelde terrassen te hebben, die gezamenlijk groter zijn dan 40 m2.

Het bestuur kan desgevraagd uitzonderingen toestaan. (4,11)

Voor bouwwerken waarvoor een omgevingsvergunning noodzakelijk is, zijn de volgende uitgangspunten van toepassing:

  • tuinhuisjes zijn maximaal 4 x 5 meter, met een vloeroppervlak van maximaal 20 m², de goothoogte mag maximaal 2,50 meter zijn, gerekend vanaf het maaiveld en de nokhoogte 4,00 meter, gerekend vanaf het zelfde maaiveld. De dakoverstekken aan de zijkanten van een huisje mogen maximaal 40 cm zijn. De luifel aan de voorzijde in het verlengde van het dak mag maximaal 100 cm zijn. De luifel moet vrij hangend zijn of met kettingen, spankabels of een andere lichte constructie met de grond verbonden zijn. Is de luifel dieper of met balken met de grond verbonden, dan wordt deze meegeteld in de totale toegestane 20 m².
  • kweekkasjes mogen niet groter zijn dan 2 x 3 meter of maximaal 6 m². Windschermen mogen maximaal 2,20 meter hoog zijn en moeten voor meer dan 60% uit doorzichtig glas bestaan. De plaats van een tuinhuis moet binnen de voor die plek geldende bouwstrook zijn en daarnaast minimaal 1,00 meter uit de geldende tuingrenzen. Kweekkasjes moeten tenminste 2,00 meter van het tuinhuisje staan alsmede 1,00 meter vanaf de geldende tuingrenzen. (22,5)
    Voor bouwwerken die niet aan deze eisen voldoen is plaatsing niet toegestaan en zal door de vereniging geen vergunning worden aangevraagd. (22,6)

Alle wijzigingen van bestaande bouwwerken dienen eveneens aan de Bouwcommissie te worden voorgelegd. Dit kan een wijziging betreffen van het aanzicht, dan wel vergroting van bouwwerken voor zover de maximale afmetingen nog niet zijn bereikt. In het laatste geval is uitbreiding alleen mogelijk tot de maximale afmetingen als genoemd in lid 5 en voor zover de bouwstijl van de uitbreiding in harmonie is met het oorspronkelijke bouwwerk. Kunststofkasten voldoen niet aan dit criterium en zijn derhalve
verboden. Na akkoordbevinding door de commissie zal, indien nodig, de bouwvergunningaanvrage, als genoemd in artikel 22, lid 4 van het Huishoudelijk Reglement, worden ingediend. (22,7)

Per tuin is een gereedschapkist toegestaan met een maximale hoogte resp. lengte van 1.30 resp. 2 meter, alsmede een gaskist met een maximale hoogte resp. lengte van 1.30 resp. 1 meter. Gereedschapskist en gaskist kunnen ook gecombineerd worden. Dan is de maximale hoogte resp. lengte 1.30 resp. 3 meter. In alle gevallen is plaatsing alleen mogelijk na overleg over vorm en plaats alsmede verkregen toestemming van de Bouwcommissie. De gaskist moet te allen tijde voorzien zijn van deugdelijke ventilatie. (22,9)

Bouwsels die illegaal zijn, dan wel anderszins in strijd met de regels zijn neergezet, dienen op eerste aanwijzing te worden verwijderd. (22,10)

Bij het gebruik van gastoestellen dienen de daarvoor geldende regels te worden gehanteerd. (22,11)
april 2016